In het Havengebouw van Port of Amsterdam kwamen op 19 maart beleidsmakers, bedrijven en kennisinstellingen samen voor de Businessmeeting van Platform Bio Economie. Met uitzicht op een haven die zelf volop in transitie is, stond de middag in het teken van één vraag: hoe zorgen we dat biobased grondstoffen daadwerkelijk hun weg vinden naar grootschalige toepassingen in de industrie?
In zijn opening zette Jos Keurentjes, voorzitter van Platform Bio Economie, direct de toon. Volgens hem vraagt de transitie naar een bio economie niet alleen om innovatie, maar vooral om samenwerking en regie in de keten. De afstand tussen beschikbare grondstoffen en de vraag vanuit de industrie is nog groot, en juist daar ligt de opgave.






Van reststroom naar grondstof
In verschillende bijdragen kwam dezelfde spanning naar voren. Biomassa en afvalstromen zijn van nature divers en vaak vervuild, terwijl de chemische industrie juist vraagt om consistente, homogene grondstoffen.
Waar toepassingen in brandstoffen al verder zijn ontwikkeld, blijft opschaling richting materialen en chemie achter. Dat vraagt om betere voorbehandeling, heldere kwaliteitsnormen en meer standaardisatie. Pas als die basis op orde is, ontstaat vertrouwen in de markt en kan opschaling plaatsvinden.
Haven Amsterdam als verbindende schakel
Joey van Elswijk, Commercial Manager Renewable Fuels bij Havenbedrijf Amsterdam, liet zien hoe Port of Amsterdam zich ontwikkelt tot een hub voor biobased en circulaire activiteiten. De haven bouwt aan een brede projectpijplijn op het gebied van onder meer waterstof, methanol, vergassing en biodiesel.
Met investeringen in infrastructuur, nieuwe terminalcapaciteit en ruimte in het Biopark ontstaat een cluster waarin logistiek, energie en chemie samenkomen. Daarmee verschuift de rol van de haven van traditionele overslag naar actieve speler in de bio economie.
Tegelijkertijd werd duidelijk dat ook hier uitdagingen liggen, onder andere rond vergunningen, stikstof en netcapaciteit. Juist daarom zijn pilots en concrete projecten essentieel om stappen te kunnen blijven zetten.






Van innovatie naar toepassing
Edwin Hamoen, directeur van BioBased Circular, ging in op de ontwikkeling en opschaling van biobased materialen. De focus ligt op biopolyesters en concrete toepassingen in onder meer bouw, landbouw en verpakkingen.
Volgens hem ligt de sleutel niet alleen in technologie, maar juist in implementatie. Samenwerking met bedrijven en eindgebruikers en het aanpassen van normen en specificaties zijn noodzakelijk om opschaling mogelijk te maken. Zonder vraag vanuit de markt blijft die stap uit.






Beleid en energietransitie
Vanuit Marc Londo, inhoudelijk directeur van de NVDE, werd de bredere beleidscontext geschetst. Hij benadrukte dat de energietransitie vraagt om structurele keuzes en een systeem dat minder gevoelig is voor geopolitieke ontwikkelingen.
Daarin verschuift de rol van biogrondstoffen steeds meer richting materialen en chemie, naast energie. Tegelijkertijd blijven thema’s als groen gas, flexibiliteit en de rol van bio energie een belangrijke plaats innemen.






Internationale kansen en samenwerking
Gijs Mulder, Advisor Hydrogen en Bio Energy bij RVO, ging in op de internationale dimensie en het belang van handelsprogramma’s. Via initiatieven zoals EUBCE 2026 worden bedrijven ondersteund bij internationale positionering en matchmaking.
Met het Nederlandse paviljoen en een bedrijvendag ligt er een duidelijke kans om de Nederlandse bio economie internationaal sterker op de kaart te zetten.






Samenwerking als sleutel
Wat deze middag vooral liet zien, is dat de bio economie zich ontwikkelt, maar dat versnelling vooral zit in het beter verbinden van schakels in de keten. Niet alleen technologie, maar juist samenwerking, afstemming en investeringen bepalen het tempo.
Van haven en industrie tot beleid en eindgebruikers, alleen in samenhang ontstaat schaal. Die beweging is zichtbaar en in gang gezet.
De komende periode zal moeten blijken hoe snel dit kan worden omgezet in concrete projecten en nieuwe waardeketens. De richting is duidelijk, nu gaat het om tempo maken.




